De laatste week voor een triathlon: minder trainen, meer vertrouwen

Hoe ziet de laatste week voor een belangrijke triathlon eruit? Minder trainen, meer herstellen en vooral vertrouwen op het werk dat al gedaan is. Michelle Tramper neemt je mee in haar voorbereiding op de kwart triathlon van Oud-Gastel, een belangrijke stap richting haar eerste Ironman 70.3.


Door: Michelle Tramper

Het triathlonseizoen draait op volle toeren. Wedstrijden volgen elkaar snel op en voor je het weet sta je alweer aan de start. Maar hoe gebruik je die races nou echt in je voordeel? In deze blog neem ik je mee in mijn voorbereiding richting de kwart triathlon in Oud-Gastel en hoe deze past binnen mijn weg naar mijn eerste Ironman 70.3 in Vitoria.

Voor mij is de kwart triathlon van Oud-Gastel geen losstaand doel, maar onderdeel van een groter plan. Natuurlijk wil ik goed presteren, maar het grotere plaatje blijft leidend. Het gaat er vooral om dat ik wedstrijdervaring opdoe, vertrouwen in mijn lichaam kweek en kijk waar ik nog puntjes kan verbeteren.

Juist dat maakt deze fase interessant. Na het vele trainen deze winter ben ik in principe al in goede vorm, maar er is ook nog ruimte voor verbetering en observatie. Hoe voelt het? Waar kan ik nog groeien? En wat gaat inmiddels bijna vanzelf?

Michelle Tramper tijdens het hardlopen.
Michelle Tramper tijdens het hardlopen.

Een wedstrijd binnen een groter plan

Mijn hoofddoel dit seizoen is de Ironman 70.3 in Vitoria op 12 juli. Daarom benader ik Oud-Gastel anders dan een echte piekwedstrijd.

Ik wil graag een goede race neerzetten, maar gebruik deze wedstrijd ook als meetmoment. Wedstrijden geven vaak waardevolle informatie die je tijdens trainingen minder snel krijgt. Hoe reageert mijn lichaam onder wedstrijdspanning? Kan ik mijn tempo goed vasthouden? En hoe verloopt de combinatie van zwemmen, fietsen en lopen als alles samenkomt? Dat zijn lessen die ik meeneem richting de rest van het seizoen.

Hoe pas ik mijn training aan voor een wedstrijd?

In de laatste week voor een wedstrijd verandert mijn training altijd enigszins. Hoeveel precies, hangt af van het belang van de race.

Meestal gaat het trainingsvolume omlaag, maar blijf ik wel korte prikkels doen om mijn lichaam scherp te houden. Waar ik normaal langere sessies draai, kies ik nu voor kortere trainingen met een paar blokjes op wedstrijdtempo en voldoende herstel ertussen. Net genoeg om het juiste gevoel vast te houden, zonder extra vermoeidheid op te bouwen. Dit stem ik altijd af met mijn coach, zodat we samen de juiste keuzes maken.

Herstel is mijn grootste focus

Als er één ding is waar ik deze week extra aandacht aan besteed, dan is het herstel. Slaap staat daarbij op nummer één. Goede nachten maken echt verschil in hoe ik me voel tijdens trainingen én richting een wedstrijd. Niet alleen de hoeveelheid slaap is belangrijk, maar ook de kwaliteit. Daarom probeer ik op tijd naar bed te gaan, schermen wat eerder weg te leggen en mijn avonden rustig af te sluiten.

Ook qua voeding houd ik het simpel. Ik zorg dat ik voldoende eet, goed hydrateer en vooral niets nieuws meer probeer. Ik weet inmiddels wat mijn lichaam nodig heeft en daar houd ik me aan.

Daarnaast probeer ik mijn dagen iets rustiger in te richten. Minder onnodige stress en meer ruimte voor ontspanning. Soms is een wandeling al genoeg, of gewoon even niets plannen. Het enige waar ik niet altijd invloed op heb, is werkstress. Voor mijn vorige wedstrijd in Terneuzen was ik bijvoorbeeld pas rond half negen ’s avonds thuis en moest ik nog koken. Niet ideaal, maar soms hoort dat er ook bij. Dan probeer ik te accepteren wat ik niet kan veranderen en focus ik me op de dingen waar ik wel controle over heb.

Vertrouwen op je training

Naast het fysieke aspect speelt ook het mentale stuk een belangrijke rol. De trainingen zijn gedaan. De grote blokken zitten erop. In deze fase draait het vooral om vertrouwen hebben in jezelf en in het werk dat je de afgelopen maanden hebt verzet.

Om mezelf dat vertrouwen te geven, denk ik vaak terug aan trainingen of wedstrijden waarin ik me sterk voelde. Momenten waarop mijn lichaam goed reageerde en tempo’s vanzelf leken te gaan. Die ervaringen helpen me om met een positief gevoel richting de start te gaan.

Oud-Gastel als meetmoment

Wat deze wedstrijd voor mij extra interessant maakt, is dat het een mooi meetmoment is.

Hoe voelt het om een bepaald tempo langer vast te houden? Hoe reageert mijn lichaam als de intensiteit langer aanhoudt dan bij een sprintafstand? En hoe goed blijf ik ontspannen wanneer het zwaar wordt?

De antwoorden op die vragen neem ik mee richting Vitoria. Daarnaast staan later dit seizoen ook de kwart triathlons van Epe en Zierikzee op mijn programma. Dat zijn wedstrijden waarin ik graag wil presteren in een sterk startveld.

De dag voor de start

De dag voor een wedstrijd probeer ik alles zo simpel mogelijk te houden. Geen grote veranderingen, geen experimenten en geen last-minute aanpassingen. Ik volg mijn voedingsplan, leg mijn spullen klaar en bekijk het parcours nog een keer rustig. Dat geeft rust.

En uiteindelijk is dat misschien wel het belangrijkste: met vertrouwen en een goed gevoel aan de start verschijnen. Wetende dat je hebt gedaan wat je kon en klaar bent om te racen. Want na al die trainingsuren is een wedstrijd uiteindelijk de beloning voor het werk dat eraan voorafging. De kers op de taart.

Het bericht De laatste week voor een triathlon: minder trainen, meer vertrouwen verscheen eerst op TRIKIPEDIA.