Erik Schopman loopt 120 km op Texel: ultralopen als triatleet

Erik Schopman liep de 120 km van Texel, een van de zwaarste ultralopen van Nederland. Voor triatleten en hardloopliefhebbers is het een ultieme test van uithoudingsvermogen, mentale kracht en doorzettingsvermogen. Voor Erik was het niet alleen een fysieke uitdaging, maar ook een belangrijke stap richting zijn volgende multisportdoel: de dubbele triatlon in juni.

Van triatleet naar ultraloper

Het vorige seizoen heb ik niet als triatleet afgesloten, en dit seizoen ben ik ook nog niet volledig als triatleet begonnen. Momenteel draag ik als Official van de NTB mijn steentje bij, maar binnenkort beloof ik weer volledig als triatleet te leven.

Sinds afgelopen zomer ligt mijn focus op hardlopen, en dan vooral op ultralopen. In oktober stond ik op het podium tijdens de 100 km van de ISU, begin mei start ik bij de 24-uursloop in Sittard, en in juni staat de dubbele triatlon op het programma. Een bijzonder onderdeel van deze reis was de 120 km van Texel, een ultraloop met ongeveer 25 deelnemers op de 120 km en zo’n 700 op de 60 km.

Ik hou van presteren. Al ben ik nooit echt de snelste of de beste geweest. Nog steeds niet, maar ik word wel steeds beter in wat ik doe.


De 120 van Texel: ultralopen op het Waddeneiland

De 120 van Texel is een unieke ultraloop van 120 kilometer rond Texel, door duinen, over stranden en langs dijken. Wind, zand en afstand vormen constante uitdagingen, waardoor het een van de zwaarste ultralopen in Nederland is.

De race start vroeg in de ochtend en trekt een sterk, select veld, waardoor elke deelnemer een persoonlijke strijd aangaat tegen afstand, de natuur en zichzelf. Een fysieke en mentale strijd.


Aankomst op Texel en voorbereiding

Twee dagen voor de race arriveer ik met mijn gezin op Texel. Tijd om te acclimatiseren, mentaal tot rust te komen en voor te bereiden op een belangrijke race. De start was vroeg: 4:35 uur. Met weinig slaap, klok vooruit, spanning en het feit dat ik geen ochtendmens ben, was dat al een uitdaging op zich.

Ik besloot mee te lopen met de snellere lopers vooraan, zolang het goed voelde. Dat ging uitstekend tot ongeveer 30 km, met een pace van 4:31 in iets meer dan 2 uur en 15 minuten. Daarna koos ik ervoor mijn eigen tempo te volgen en gewoon te genieten. En genieten deed ik: de zon kwam op, ik rende door de duinen, over het strand, en had lol met mijn broertje die me op de fiets begeleidde. Ik voelde me beresterk!


De strijd met strand en wind

Tijdens de 120 km van Texel loop je vijf keer over het strand. De derde en vierde passage waren bizar zwaar; daar moest ik echt van herstellen. De eerste 70 km legde ik net onder de 5 uur en 30 minuten af.

Tussen kilometer 70 en 90 werd het vooral mentaal zwaar, en mijn maag begon van zich te laten horen. Daar kon ik nog prima mee omgaan. Maar vanaf kilometer 90 veranderde de race in “Texels tegen de wind in rennen”. Zelden heb ik zo hard moeten werken voor zo weinig vooruitgang. Het was een intensief, afmattend stuk, maar zoals altijd: aan alles komt een einde.


Finish en voldoening

De finish maakte alles goed. Mijn zoon, mijn vriendin en mijn broertje stonden klaar om me binnen te halen, samen met een superenthousiaste organisatie.

Ik had vier doelen voor deze race, waarvan ik er drie voor mezelf hou. Het belangrijkste doel was simpel: genieten – en dat heb ik volledig gehaald. Dat maakte de race zo bijzonder. Nu neem ik een paar dagen om rustig te genieten van het resultaat, mijn maag die nog wat protesteert, en de heerlijke spierpijn. Wat een fantastische sport is ultralopen toch!

Met dit resultaat op zak richt ik me nu op mijn volgende uitdaging: de dubbele triatlon in juni.

Erik Schopman bij de 120 van Texel Ultraloop
Erik Schopman bij de 120 van Texel Ultraloop

Het bericht Erik Schopman loopt 120 km op Texel: ultralopen als triatleet verscheen eerst op Trikipedia.nl.