Ga eens lekker analoog trainen

Bert Flier schrijft voor Trikipedia over drie thema’s: Met het mes tussen de tanden | Nerd talk | Tussen de oren

Mentale processen

 

Al mijn tassen had ik binnenstebuiten gekeerd, maar ik kon ’m niet vinden. Mijn sporthorloge was kwijt.

En zo verliet ik de camping zonder meters. Geen trilling die elke kilometer markeerde met de splittijd, hartslag en wattage. Geen tijd. Gewoon old school hardlopen.

Heerlijk vond ik het.

Als ik wilde vertragen, dan ging dat niet ten koste van het gemiddelde. En als ik een pauze wilde nemen, hoefde ik niet mijn horloge op stop te zetten en daarna weer op start. Wat me altijd nét een beetje stress geeft. Want hoe vervelend is het als je er een kilometer later achterkomt dat je vergeten bent weer op start te drukken. Daarbij komt het besef dat Big Brother weet hoe lang je pauzes duren. Vanuit mijn calvinistische inslag minimaliseer ik de pauzetijd. Net als Steven Kruiswijk, naamgever van de door Laurens ten Dam bedachte SKC: de Steven Kruiswijk Coëfficiënt. Het verschil tussen verstreken tijd en gereden tijd. Hoe dichter die bij elkaar liggen, hoe hoger de SKC.

Gemiste data en de SKC. Daar had ik dus allemaal geen last van deze loop.

Sterker nog: bovenop een heuvel ben ik gewoon even stil gaan staan. Om het landschap te bewonderen. Een ronddartelende vlinder te volgen. Gewoon, omdat ik me vrij voelde.

Ik besefte hoe mijn persoonlijkheidsstructuur—die houdt van controle, van zekerheid—wordt getriggerd door de moderne manier van trainen. Die zo datagedreven is.

Geen Strava-file

Na afloop viel er niets te uploaden naar Strava. Geen kudo’s dus. Daar hecht ik niet veel waarde aan—maar blijkbaar wel genoeg om eraan te denken;)

Ook TrainingPeaks kon ik niet voeden met data. Ik heb zelfs even overwogen om deze training niet op te schrijven. Als een ballon los te laten en weg te laten drijven in de wind. Maar dat ging me toch een stap te ver. Dus heb ik maar handmatig een training gelogd. Want ik kon het niet over mijn hart verkrijgen deze kilometers níét te registreren. Dan zou mijn week- en jaartotaal niet meer kloppen.

Flashback

Heel vroeger, toen ik net begon met trainen, logde ik niets. Bij de baantrainingen droeg ik een Ironman Timex-horloge. Daarin kon je maar liefst honderd splittijden opslaan. Zodra je het horloge resette, vervloog de data. En begon je de volgende training weer met een schone lei.

Trainer Herman Vrijhof stond langs de baan. Bij start/finish gaf hij de rondetijden door. 80.2 | 80.0 | 80.4 | 79.8

Soms met een korte aanwijzing erbij.

‘Hoog in de heupen.’
‘Ontspan je schouders.’

En zo trainden we.

Na afloop hoefden we niks te uploaden.

Kudo’s kreeg je ook. Geen virtuele, maar echte. Van Herman. Van je trainingsmaten.

En, als het bagger was, dan hoorde je dat ook.

Analoog trainen: een nieuwe trend?

Tijdens een recente Triathlon Inside-seminar voorspelde Bas Diederen een nieuwe trend: trainen zonder meters. Gewoon op gevoel.

Zodat je weer om je heen kunt kijken.
Zodat je niet continu bezig bent met wat er straks online komt.
Zodat de training weer van jou wordt.

Want uiteindelijk gaat het niet om de grafiekjes. Niet om de kudo’s. Niet om de perfecte upload.

Het gaat om de kilometers die in je benen zitten.

Trainen op gevoel

Wat dat betekent voor coaching?

Dat ik met sommige atleten — meestal de ervaren triatleten — werk met simpele kaders. Heuristieken.

Maak je uren. Of je kilometers.
Voornamelijk rustig. Zone 1, zone 2.
En één of twee gerichte trainingen per week. Die maak ik specifiek. Die wil ik terugzien.

Maar de rest?

Lekker je uren maken langs ’s Heeren wegen. Lopen om te lopen. Fietsen om te fietsen.

Zonder dat elk moment vastgelegd hoeft te worden.

De les van die data-loze training op de camping: niet alles hoeft gemeten te worden.

Sommige trainingen bestaan alleen in je benen.

_______________________________________________________________

Wil je ook oefenen in analoog trainen, maar wel met duidelijke kaders?

Stuur me gerust een bericht via [email protected].

Want simpel trainen is vaak het lastigst 😉.