Longchirurg Koen Hartemink: ‘Sport geeft me energie om mijn werk goed te doen’

Koen Hartemink

Het telefoontje van een zaalarts voor overleg over een patiënt kan ieder moment komen. Tussendoor probeert Koen Hartemink nog snel wat mails weg te werken. Even later staat hij waarschijnlijk weer op de OK of heeft hij een overleg over complexe longkankerpatiënten. En ergens tussendoor bereidt hij zich óók nog voor op een volgende Ironman. “Mensen denken vaak vooral aan hoeveel energie sporten kost”, vertelt hij. “Maar voor mij levert het juist energie op.”


Koen Hartemink is longchirurg, hoogleraar in Leiden en gespecialiseerd in longkankerchirurgie. Een baan met lange werkdagen, grote verantwoordelijkheden en weinig foutmarge. “Ik werk als longchirurg in het kankercentrum Antoni van Leeuwenhoek in Amsterdam. Dat is veeleisend werk, zowel fysiek als mentaal. Er is weinig ruimte voor fouten, omdat de gevolgen voor patiënten groot kunnen zijn. Dat brengt druk met zich mee.”

Van eerste triathlon naar de hele afstand

Toch is dat niet het enige waarin hij zichzelf graag uitdaagt. Naast zijn werk groeide hij de afgelopen jaren uit tot fanatiek triatleet, met inmiddels bijna twintig halve triathlons en twee volledige Ironmans achter zijn naam. En dat terwijl hij pas relatief laat met de sport begon.

“Ik kwam voor het eerst in aanraking met triathlon toen we in 2012 verhuisden van Amsterdam naar Abcoude”, vertelt hij. “In die periode zag ik de kwarttriathlon van Breukelen, met het fietsparcours door Abcoude. Ik fietste al wel en liep af en toe hard, maar triathlon was voor mij nog onbekend terrein. Het leek me gaaf om eens te proberen en zo besloot ik me in te schrijven voor een wedstrijd. Dus toen moest ik ook het zwembad opzoeken en de borstcrawl gaan trainen.”

Vanaf dat moment groeide de sport langzaam maar zeker uit tot een essentieel onderdeel van zijn leven. “Ik begon met achtste- en kwart triathlons. Daarna kwamen de halve afstanden. Inmiddels heb ik negentien halve triathlons gedaan, zowel Ironman 70.3’s als wedstrijden van Challenge Family en races in Nederland, zoals Nieuwkoop, TriAmsterdam en Klazienaveen.”

Vorig jaar volgde de volgende stap. De hele afstand

“Ironman Frankfurt in juni 2025 was mijn eerste hele. Ondanks dat de voorbereiding niet ideaal was door een hardnekkige achillespeesblessure, ging die race verrassend goed. Daarna volgde in september de hele afstand; de Challenge Almere.”

Die race in Almere werd misschien wel extra speciaal doordat hij daar eindelijk weer pijnvrij kon lopen. “In Frankfurt had ik tijdens de marathon nog behoorlijk last van mijn achillespees. In Almere liep ik voor het eerst weer echt vrijuit. Het was mijn tweede marathon ooit, maar ik liep 3:14 uur en met een eindtijd van 9:31 uur was ik ontzettend tevreden.”

Tekst gaat verder onder de foto

Koen Hartemink
Koen Hartemink nadat hij de Ironman Frankfurt had voltooid.

Dat hij steeds beter wordt, motiveert hem enorm. “Ik merk dat ik op alle drie de onderdelen nog steeds progressie boek. Ik kan langer hoge wattages trappen op de fiets, haal hogere snelheden en ik zie ook bij het lopen en zwemmen nog steeds verbetering. In Brouwersdam reed ik bijvoorbeeld voor het eerst onder de twee uur op de fiets. Dat soort dingen geven motivatie om door te gaan.”

Toch draait het voor hem niet puur om uitslagen of kwalificaties. “Ik wil zo goed mogelijk zijn en zo snel mogelijk worden, maar ik werk niet toe naar bijvoorbeeld Kona kwalificatie. Dat is niet mijn ambitie. De uitdaging zit voor mij meer in het fysieke en mentale proces van zo’n lange afstand, continu blijven verbeteren om het beste uit mezelf te halen.”

Juist die lange afstanden spreken hem aan. “De hele afstand trekt mij meer dan de kortere races. De fysieke én mentale uitdaging van een hele Ironman vind ik bijzonder. Daar haal ik veel voldoening uit.”

Trainen voordat de dag begint

Die uitdaging combineren met een druk bestaan vraagt wel het nodige. “Er moet aan een aantal basisvoorwaarden voldaan worden om langeafstandstriatlons te kunnen doen”, zegt hij. “Je fysieke gesteldheid natuurlijk, maar ook de afstemming met je gezin en je werk. Dat is essentieel.”

Zijn vrouw begrijpt die combinatie gelukkig als geen ander. “Mijn vrouw is ook chirurg en heeft eveneens een drukke baan. Daarnaast hebben we drie kinderen: een zoon van vijftien en een tweeling (zoon en dochter) van twaalf. Tijdmanagement is dus heel belangrijk.”

Dat betekent vooral slim plannen. “Ik train bijna altijd vroeg in de ochtend, ’s avonds en in het weekend. Ik functioneer gelukkig goed met relatief weinig slaap, al weet ik natuurlijk ook dat slaap belangrijk is voor een goed herstel. Het spanningsveld zit vooral in het efficiënt indelen van de beschikbare tijd en hierbij de juiste balans vinden tussen gezin, werk en sport.”

En dus begint de dag regelmatig terwijl de rest van Nederland nog slaapt. “Ik heb er geen moeite mee om tussen vijf en zes uur ’s ochtends op de fiets (of Zwift) te stappen. Zo kun je veel trainingsuren maken voordat de dag en het gezinsleven echt beginnen.”

Op het moment van schrijven zit hij midden in de voorbereiding op Ironman Hamburg. “Over drie weken is die wedstrijd. Komend weekend doe ik mijn laatste grote trainingsblok van drie dagen. Omdat we Pinksteren hebben, kan ik wat extra uren maken. Dan zit ik vroeg op de fiets voor een rit van viereneenhalf tot vijf uur, met daarna nog een korte looptraining. En zondag staat er weer een lange duurloop op het programma.”

Sport als energiebron

Opvallend genoeg kent hij nauwelijks een echte offseason. “Wat misschien anders is dan bij sommige andere sporters, is dat ik in de winter eigenlijk op dezelfde voet doorga als in de zomer. Ik merk gewoon dat ik het sporten nodig heb om op andere vlakken goed te functioneren.”

Want waar buitenstaanders misschien vooral extra belasting zien, ervaart Koen juist het tegenovergestelde. “Sport verhoogt voor mij de mentale weerbaarheid. Het is een uitlaatklep en het geeft energie om mijn werk goed te kunnen doen. Juist door intensief te sporten zit ik beter in mijn vel en presteer ik beter op andere vlakken.”

Dat merkt hij ook in zijn werk. “Als iets niet loopt zoals gehoopt op het werk, dan is het heerlijk om te kunnen sporten. Vaak kom ik daarna weer op nieuwe ideeën, oplossingen of nieuwe uitdagingen op het gebied van wetenschappelijk onderzoek of patiëntenzorg..”

Zijn medische achtergrond helpt hem daarbij. “Het interpreteren van inspanning, herstel en voeding gaat misschien wat makkelijker doordat ik medisch onderlegd ben. Zeker nu er zoveel informatie beschikbaar is over schema’s en voeding, helpt het om goed te kunnen inschatten wat wel en niet bij je past.”

Beter worden, samen sterker

In zijn werk speelt samenwerking een centrale rol. Dat werd misschien wel het duidelijkst tijdens zijn benoeming tot hoogleraar in oktober 2024. “Mijn oratie had als titel: ‘Beter worden, samen sterker’. Dat vat eigenlijk goed samen hoe ik erin sta.”

“In de gezondheidszorg, en zeker binnen de longkankerzorg, geloof ik enorm in samenwerking. Goede zorg bereik je niet alleen. Net als dat je in sport ook meer bereikt als je een goed team om je heen hebt staan.”

Hij trekt direct de vergelijking met de operatiekamer. “Ik doe veel robotchirurgie. Dan werk ik vanuit een cockpit en stuur door bediening van joysticks en voetpedalen de robot aan die de bewegingen in de patiënt uitvoert. Maar uiteindelijk is het succes van zo’n operatie nooit van één persoon afhankelijk. De operatieverpleegkundigen, het anesthesieteam, collega’s op de OK, maar ook de verpleegkundigen op de polikliniek en verpleegafdeling: het hele team draagt bij aan het succes en de beste zorg voor de patiënt.”

Dat geldt volgens hem net zo goed voor triathlon. “Ik heb een aantal motto’s, zowel in werk als sport. Eén daarvan is: deel je succes met de mensen om je heen. Je hebt altijd een team nodig om prestaties te leveren. Ook in sport. De steun van je gezin en directe omgeving is hierin essentieel.” En zijn coach Milan Brons en fysiotherapeut Jurre Kok zijn van groot belang in de begeleiding en het nastreven van zijn sportieve ambities.

Die steun voelde hij bijvoorbeeld tijdens zijn races in Almere en Frankfurt. “Mijn kinderen zijn meestal druk met school, vriendjes/vriendinnetjes en hun eigen sporten; voetbal en hockey, dus ze gaan niet vaak mee naar wedstrijden. Maar vorig jaar stonden ze in Almere wel bij de finish toen ik vijfde werd in mijn agegroup. Dat was heel speciaal en betekende veel voor mij.”

En ook zijn vrouw speelde een bijzondere rol tijdens zijn eerste volledige Ironman. “Bij Ironman Frankfurt vloog ze de dag van de race naar Frankfurt om bij de finish te kunnen staan. Dat zijn de momenten die extra betekenis geven aan zo’n race.”

Of hij nog grote sportieve dromen heeft? Natuurlijk. Maar uiteindelijk draait het vooral om blijven groeien. “Ik geloof erin dat als je ergens echt in gelooft, je ervoor moet gaan. Dat probeer ik ook aan mijn kinderen mee te geven. Durf ambities na te jagen. Laat je niet tegenhouden door onzekerheden of angst.”

Voorlopig lijkt Koen daar zelf het perfecte voorbeeld van.

Naschrift: Koen wist de Ironman van Hamburg uiteindelijk af te leggen in een nieuw pr: 9.22.28. Hij werd hiermee 10e in de agegroup 45.49.


Dit artikel verscheen eerder in Triathlon Inside nr. 12 in de rubriek Werk & Triathlon. Het magazine vier keer per jaar in de bus? Word dan Insider en ontvang het magazine mét een welkomstpakket thuis, train met experts, profiteer van kortingen bij partners en kom gratis naar onze clinics.

Het bericht Longchirurg Koen Hartemink: ‘Sport geeft me energie om mijn werk goed te doen’ verscheen eerst op TRIKIPEDIA.